De Vrijmetselaar


De vrijmetselaar komt in een loge omdat hij ervaart dat het hem een weg wijst in de ontwikkeling van geest en gemoed. Goethe heeft dat wel “verselbstigen” genoemd, het jezelf ontwikkelen naar de mens die je in wezen bent. Een mens bij wie denken, voelen en willen in harmonie zijn, in vrede met zichzelf en zijn omgeving. Iemand die zijn draai gevonden heeft. De vrijmetselaar ziet de Vrijmetselarij daarbij als een katalysator in een zoektocht naar zichzelf, naar de medemens en naar de zin van het bestaan. Het is niet toevallig dat het 'Ken Uzelf' steeds weer aan hem wordt voorgehouden. In hedendaags Nederlands zouden we zeggen: 'Verbeter de wereld en begin bij jezelf'.


De vrijmetselaar zoekt naar zingeving. Vrijmetselaren zijn in zekere zin “Geestelijke doe-het-zelvers”. Hij zoekt naar de verhouding tussen de mens en de onzichtbare werkelijkheid achter het waarneembare. Iemand die de wijsheid al in pacht denkt te hebben, is uitgezocht en heeft in de Orde van Vrijmetselaren dus niet veel te zoeken. Wereldwijd gezien staat de Orde open voor de vrijdenkende mens van alle culturen, etnische achtergronden en geloofsovertuigingen. De vrijmetselarij biedt een gelegenheid tot verdieping en een open dialoog, zonder dogma’s, met andersdenkenden.

 

Levenshouding


Vrijmetselarij is geen godsdienst. Het is geen sekte of geheim genootschap. Het is een levensbeschouwelijk genootschap, De Orde van Vrijmetselaren is een democratische vereniging, waarvan de leden streven naar verdieping van inzicht op geestelijk en zedelijk gebied. In dat streven staat de Orde natuurlijk niet alleen. Maar de vrijmetselarij onderscheidt zich van andere organisaties op dat terrein door haar bijzondere methode van werken. Zij maakt daarbij gebruik van symbolen en rituelen, die op zinnebeeldige wijze de levensloop van de mens uitbeelden.


Symbolen als hulpmiddelen bij het overbrengen van gedachten of gevoelens die vaak moeilijk onder woorden zijn te brengen. In het dagelijkse leven bedient de mens zich van talloze symbolen, waarvan iedereen meteen de bedoeling begrijpt: een bos bloemen, de trouwring, de nationale driekleur, het kruis, een handdruk, enzovoorts. Symbolen kunnen de geest en intuïtie bereiken waar rede en ratio dat niet of minder lukt. Voor vrijmetselaren is hun symboliek een taal die zij verstaan, waar ter wereld zij elkaar ook ontmoeten.

 

Bouwsymboliek


In de vrijmetselarij neemt de bouwsymboliek, erfenis van de ambachtelijke loges uit de middeleeuwen, een zeer belangrijke plaats in. De vrijmetselaar ziet wereld en leven als een te voltooien bouwwerk. Hij bouwt aan de tempel der mensheid, aan een betere wereld, waarbij hij zichzelf ziet als een bouwsteen. Een geliefde uitdrukking is dat de mens een ruwe steen is, die moet worden bekapt en gepolijst tot een zuiver kubieke steen, zodat die gave steen kan worden ingepast in het bouwwerk van levende stenen.


Passer en winkelhaak vormen daarbij internationaal hét herkenningsteken van de vrijmetselarij. De passer wordt verbonden met de gedachte aan het afbakenen van de grenzen tussen goed en kwaad. De winkelhaak met zijn rechte hoek symboliseert de mens die zich in de rechte verhouding weet te plaatsen tot zijn medemens.

 

Rituelen


Behalve door de bouw- en lichtsymboliek wordt de werkwijze gekenmerkt door de toepassing van rituelen. Oudtijds kende mens tal van riten die in sterk aangepaste vorm voortbestaan als gebruiken bij geboorte, huwelijk, dood en andere belangrijke gebeurtenissen in een mensenleven. De rituelen van de vrijmetselarij beelden de mens uit die zichzelf wil leren kennen en het bestaansdoel van mens en mensheid zoekt.


In de vrijmetselarij wordt gewerkt in een stelsel van drie opvolgende stappen of graden. De eerste graad richt zich op een oriëntatie op zichzelf, met focus op “Ken u Zelf” en “Op U komt het aan”. In de opvolgende graad richt hij zich op het werken aan een juiste verhouding tot de medemens. In de derde graad verruimt hij zijn blik en richt zich op de wereld. Samen beelden de drie graden de levensgang van de mens uit, de reis van duisternis naar Licht.


Het lijkt allemaal spel en dat is het in zekere zin ook. Maar dan wel een verheven spel met diepe waarden en betekenissen, die de deelnemer zelf moet ontdekken. Het kan hem helpen zichzelf beter te leren kennen en zijn antwoord te vinden op vragen naar de betekenis van het leven dat verder reikt dan het stoffelijke bestaan.

 

Historie van de vrijmetselarij


Er zijn vele wortels, zoals in Schotland en Frankrijk, maar Engeland is de bakermat van de vrijmetselarij. Daar bloeit in de 17e eeuw de Royal Society, een genootschap van vooruitstrevende wetenschappers, onder wie veel vrijmetselaren. In 1666 woedt in het grotendeels houten Londen een enorme brand, die 80% van de stad in de as legt. Voor de wederopbouw in steen komen vanuit heel Europa bouwlieden en architecten naar Londen.


Op Sint-Jansdag, 24 juni 1717, wordt in Londen door vier loges de eerste overkoepelende Grootloge opgericht. Dit wordt gezien als de geboortedatum van de moderne vrijmetselarij. Daarna groeit de vrijmetselarij onstuimig. Mensen hebben even genoeg van alle politieke twisten en godsdienstoorlogen. In 1734 komen vrijmetselaren al bijeen in Den Haag, waar in 1756 tien loges zich aaneensloten tot de ‘Groote Loge der Zeven Verenigde Nederlanden’, welke benaming in 1817 werd gewijzigd in de ook nu nog geldende: Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden.